Tot wat een zaterdagochtendgesprek kan leiden!

Zaterdagochtend 8:15 Joeri en ik zijn vol enthousiasme in een gesprek verwikkeld over ons werk, Dirkje is al mee naar Medialaan om te helpen en Thijssen komt naar beneden. Ik herinner me plots dat hij me gisteravond heeft zitten vertellen over kwantummechanica en Schrödingers kat. Maar ik was toen zo moe (het was ook al 23u30) dat ik eigenlijk gewoon wat heb geknikt. Natuurlijk heb ik daar een kans laten liggen en dus vraag ik even wat hij daar eigenlijk mee had gedaan tijdens zijn zelfstandig werken op vrijdagnamiddag. En dat gesprek wat toen volgde houdt me nu toch al 3u bezig om na te denken over ons huisonderwijs.

Even schetsen wat de aanleiding was tot het gesprek. Thijssen gaat niet graag mee naar de boekenbeurs omwille van de drukte maar Joeri en ik hadden daar een boek gezien wat hem zeker zou interesseren dachten we, namelijk “Het antwoord op de grote vragen” van Stephen Hawking. Hij vindt het een zalig boek: wetenschappen gecombineerd met filosofie. (Ik moet hem op zijn woord geloven want ik heb het nog niet gelezen.) Hij had daar dus iets gelezen over kwantummechanica tijdens zijn zelfstandig werken op vrijdagnamiddag en was gaan zoeken op Youtube (Google is al achterhaald tegenwoordig) naar meer info hierover en was ook zo terecht gekomen bij het experiment van Schrödingers kat. Dus de takenlijst was blijven liggen omdat dit zijn interesse had gewekt.

BoekStephenHawking

Terug naar deze zaterdagochtend, 3u geleden. Hij begon ons uit te leggen wat schrodingerkwantummechanica eigenlijk inhoudt en wat het experiment van Schrödingers kat eigenlijk wou zeggen. Een hele boterham op zaterdagochtend, dat kan ik je vertellen. Je hebt dat wel ooit ergens op school gehad, ergens in een grijs verleden, maar het behoort nu niet dadelijk tot mijn parate kennis. Dus wat boeken erbij genomen die we hier hadden liggen en we kregen er hele leuke gesprekken over. Maar zoals bij elk goed gesprek neemt het ene onderwerp je mee naar het andere onderwerp.

Zo kwamen we terecht bij de vraag “hoe integreer je dat in je opleiding in het secundair?”. Thijssen zou veel liever hier over leren dan te leren bij chemie wat een homogeen of heterogeen mengsel is, of over de terugkaatsing van licht bij Fysica, of over een fictief vraagstuk rond gelijkvormige driehoeken. (Hij kijkt dus ook al uit naar de universiteit om volledig in zijn interesse te kunnen studeren.) Ik moet ook toegeven dat hij dat vaak al allemaal weet en het dus saai vindt. Hij heeft dat al lang allemaal ontdekt via Youtube. Maar ik ben dan bang dat hij toch ergens basis mist. Dus het gesprek ging over vastzitten aan oude systemen en in hokjes denken en hoe snel je vervalt om terug in hokjes te denken. Waarom durven we in een school of in huisonderwijs dat thema toch niet vol aan te pakken en te kijken waar het ons brengt? Omdat er verplichte examens zijn op het einde van de rit natuurlijk en dat je daar wel voor wil slagen. Dus vertelde ik hem over de school van het Nikée project in Roermond en over het Science programme van Universiteit Maastricht. Dat bracht ons naar een gesprek over hoe je als “opleider” moet omgaan met die vragen: moet je meer weten of moet je durven loslaten en samen outside_boxop onderzoek uit gaan. Dat bracht ons bij het idee dat creativiteit zo belangrijk is in je opleiding en ook om te kijken wat je kan doen met je kennis. Zo kwamen we op “thinking out of the box”. Hoe moeilijk dat is en dat je al snel dreigt te vervallen in de gewone structuren die iedereen kent en accepteert. Ook in ons huisonderwijs moesten we concluderen en Thijssen kon het zelfs op zijn strategieën in zijn games betrekken. Hoe snel neem je over wat anderen doen, zonder kritisch te zijn en anders proberen te denken.

Dat anders denken bracht ons tot de vraag “Waar denk je over?”. Thijssen vindt het heerlijk om zichzelf hypothetische vragen te stellen en daarover na te denken en dan filmpjes gaan te kijken en bij te leren en uit te zoeken of dat zou kunnen of niet. Behoorlijke pittige vragen. Hij heeft een systeem bedacht in zijn hoofd om een vliegtuig via rotatie te laten werken. (Te ingewikkeld om in een blogje over huisonderwijs neer te schrijven op een zaterdagmiddag.) Maar wat hij bij die uitleg allemaal gebruikte aan kennis over fysica. Ik werd even stil. Hij gaf ook toe dat hij weet dat het niet kan werken op die manier maar dat hij toch is blijven doordenken omdat zijn hypothese heel lang gestaafd werd door al zijn ideeën. Knap! Want hoe zou je anders ooit tot oplossingen kunnen komen als je niet verder durft denken, zelfs als je weet dat het niet zal kunnen. (Dus dat gesprek bracht ons weer over de verschillende soorten mensen met verschillende capaciteiten en interesses.) Ik vond dit idee van zijn hypotheses die rondzwerven in zijn hoofd veel te mooi om te laten schieten. Alleen weet ik het niet wat mooischriftdoor dat hoofd gaat. Ik kan niet in zijn hoofd kijken. En hij zegt dan ook dat hij het soms al niet meer weet tegen dat hij beneden komt, maar dat het wel nog ergens in zijn hoofd zit. Dus hebben we samen zijn mooi schrift (wat hij ooit in Spanje kocht) langs zijn bed gelegd om daar zijn ideeën, vragen, bedenkingen te kunnen optekenen.

En toen toen waren we eigenlijk allebei moe. Ondertussen was het zaterdagochtend 9:45 en we hadden al heel wat bijgeleerd allebei. Dat gesprek had ons heel veel energie gegeven in ons hoofd, maar onze energie om te praten was op. Dus mijn hoofd ging op 200% verder. Waarom kunnen we nu niet die kwantummechanica induiken. Ben ik zo bang om basis te missen in zijn opleiding? Ben ik bang om los te laten en echt af te stappen van mijn vakfiches die gezien moeten worden naar de examens toe? We proberen nu al veel in projecten te werken en anders te leren. Maar ik krijg het nog wel altijd betrokken op leerstof van de tweede graad en dan wat extra buiten de vakfiches. Maar durf ik echt gaan los te laten en gewoon te starten met iets uit de kwantummechanica wat hem interesseert en eigenlijk van daaruit naar onder toe te werken. De dingen die we tegenkomen uit te zoeken en zo naar de basis te gaan? Het is niet hoe het normaal werkt in ons onderwijs in het secundair. Durf ik dit?

Eerlijk? Ik weet het niet. Komt er bij dat ik op 13 december onderwijsinspectie heb voor ons huisonderwijs. (Krijg je een negatieve inspectie dan krijg je opnieuw een inspectie binnen een 2-tal maanden. Is deze inspectie terug negatief moeten de kinderen terug naar school.) Is dit het moment om om te schakelen? Maar ik ga toch ook niet een interesse in leren en ontdekken de kop indrukken omdat we inspectie krijgen?! Dan zijn we toch fout bezig? Of niet durven te schakelen omdat ik natuurlijk zelf toch ook wel in vakjes ben opgeleid en ik durf al wel 3,4 … 5 vakjes samen nemen. Maar durf ik de vakjes gewoon afbreken?

Resultaat? Veel denkwerk. Ik had gehoopt dat het schrijven van een blogje me opzoekwerkduidelijkheid gaf, maar dat is nog niet. Mijn hoofd is op dit moment ook zonder vakjes en alle gedachten schieten nog rond. Daarboven moet het wel nog in vakjes vallen om te kunnen beslissen hoe we dit kunnen aanpakken. Maar het gesprek heeft me wel bakken energie gegeven. Het programma voor het weekend is dus lichtjes gewijzigd. Ik ga uitzoeken hoe ik het kan aanpakken en hoe we dus van gespecialiseerd naar basis toe kunnen werken en hoe ik echt kan loslaten. We zullen zien wat het resultaat gaat zijn.

Het was alleszins een zaterdagochtendgesprek dat ons huisonderwijs op zijn grondvesten deed daveren! 

Advertenties