Tot wat een zaterdagochtendgesprek kan leiden!

Zaterdagochtend 8:15 Joeri en ik zijn vol enthousiasme in een gesprek verwikkeld over ons werk, Dirkje is al mee naar Medialaan om te helpen en Thijssen komt naar beneden. Ik herinner me plots dat hij me gisteravond heeft zitten vertellen over kwantummechanica en Schrödingers kat. Maar ik was toen zo moe (het was ook al 23u30) dat ik eigenlijk gewoon wat heb geknikt. Natuurlijk heb ik daar een kans laten liggen en dus vraag ik even wat hij daar eigenlijk mee had gedaan tijdens zijn zelfstandig werken op vrijdagnamiddag. En dat gesprek wat toen volgde houdt me nu toch al 3u bezig om na te denken over ons huisonderwijs.

Even schetsen wat de aanleiding was tot het gesprek. Thijssen gaat niet graag mee naar de boekenbeurs omwille van de drukte maar Joeri en ik hadden daar een boek gezien wat hem zeker zou interesseren dachten we, namelijk “Het antwoord op de grote vragen” van Stephen Hawking. Hij vindt het een zalig boek: wetenschappen gecombineerd met filosofie. (Ik moet hem op zijn woord geloven want ik heb het nog niet gelezen.) Hij had daar dus iets gelezen over kwantummechanica tijdens zijn zelfstandig werken op vrijdagnamiddag en was gaan zoeken op Youtube (Google is al achterhaald tegenwoordig) naar meer info hierover en was ook zo terecht gekomen bij het experiment van Schrödingers kat. Dus de takenlijst was blijven liggen omdat dit zijn interesse had gewekt.

BoekStephenHawking

Terug naar deze zaterdagochtend, 3u geleden. Hij begon ons uit te leggen wat schrodingerkwantummechanica eigenlijk inhoudt en wat het experiment van Schrödingers kat eigenlijk wou zeggen. Een hele boterham op zaterdagochtend, dat kan ik je vertellen. Je hebt dat wel ooit ergens op school gehad, ergens in een grijs verleden, maar het behoort nu niet dadelijk tot mijn parate kennis. Dus wat boeken erbij genomen die we hier hadden liggen en we kregen er hele leuke gesprekken over. Maar zoals bij elk goed gesprek neemt het ene onderwerp je mee naar het andere onderwerp.

Zo kwamen we terecht bij de vraag “hoe integreer je dat in je opleiding in het secundair?”. Thijssen zou veel liever hier over leren dan te leren bij chemie wat een homogeen of heterogeen mengsel is, of over de terugkaatsing van licht bij Fysica, of over een fictief vraagstuk rond gelijkvormige driehoeken. (Hij kijkt dus ook al uit naar de universiteit om volledig in zijn interesse te kunnen studeren.) Ik moet ook toegeven dat hij dat vaak al allemaal weet en het dus saai vindt. Hij heeft dat al lang allemaal ontdekt via Youtube. Maar ik ben dan bang dat hij toch ergens basis mist. Dus het gesprek ging over vastzitten aan oude systemen en in hokjes denken en hoe snel je vervalt om terug in hokjes te denken. Waarom durven we in een school of in huisonderwijs dat thema toch niet vol aan te pakken en te kijken waar het ons brengt? Omdat er verplichte examens zijn op het einde van de rit natuurlijk en dat je daar wel voor wil slagen. Dus vertelde ik hem over de school van het Nikée project in Roermond en over het Science programme van Universiteit Maastricht. Dat bracht ons naar een gesprek over hoe je als “opleider” moet omgaan met die vragen: moet je meer weten of moet je durven loslaten en samen outside_boxop onderzoek uit gaan. Dat bracht ons bij het idee dat creativiteit zo belangrijk is in je opleiding en ook om te kijken wat je kan doen met je kennis. Zo kwamen we op “thinking out of the box”. Hoe moeilijk dat is en dat je al snel dreigt te vervallen in de gewone structuren die iedereen kent en accepteert. Ook in ons huisonderwijs moesten we concluderen en Thijssen kon het zelfs op zijn strategieën in zijn games betrekken. Hoe snel neem je over wat anderen doen, zonder kritisch te zijn en anders proberen te denken.

Dat anders denken bracht ons tot de vraag “Waar denk je over?”. Thijssen vindt het heerlijk om zichzelf hypothetische vragen te stellen en daarover na te denken en dan filmpjes gaan te kijken en bij te leren en uit te zoeken of dat zou kunnen of niet. Behoorlijke pittige vragen. Hij heeft een systeem bedacht in zijn hoofd om een vliegtuig via rotatie te laten werken. (Te ingewikkeld om in een blogje over huisonderwijs neer te schrijven op een zaterdagmiddag.) Maar wat hij bij die uitleg allemaal gebruikte aan kennis over fysica. Ik werd even stil. Hij gaf ook toe dat hij weet dat het niet kan werken op die manier maar dat hij toch is blijven doordenken omdat zijn hypothese heel lang gestaafd werd door al zijn ideeën. Knap! Want hoe zou je anders ooit tot oplossingen kunnen komen als je niet verder durft denken, zelfs als je weet dat het niet zal kunnen. (Dus dat gesprek bracht ons weer over de verschillende soorten mensen met verschillende capaciteiten en interesses.) Ik vond dit idee van zijn hypotheses die rondzwerven in zijn hoofd veel te mooi om te laten schieten. Alleen weet ik het niet wat mooischriftdoor dat hoofd gaat. Ik kan niet in zijn hoofd kijken. En hij zegt dan ook dat hij het soms al niet meer weet tegen dat hij beneden komt, maar dat het wel nog ergens in zijn hoofd zit. Dus hebben we samen zijn mooi schrift (wat hij ooit in Spanje kocht) langs zijn bed gelegd om daar zijn ideeën, vragen, bedenkingen te kunnen optekenen.

En toen toen waren we eigenlijk allebei moe. Ondertussen was het zaterdagochtend 9:45 en we hadden al heel wat bijgeleerd allebei. Dat gesprek had ons heel veel energie gegeven in ons hoofd, maar onze energie om te praten was op. Dus mijn hoofd ging op 200% verder. Waarom kunnen we nu niet die kwantummechanica induiken. Ben ik zo bang om basis te missen in zijn opleiding? Ben ik bang om los te laten en echt af te stappen van mijn vakfiches die gezien moeten worden naar de examens toe? We proberen nu al veel in projecten te werken en anders te leren. Maar ik krijg het nog wel altijd betrokken op leerstof van de tweede graad en dan wat extra buiten de vakfiches. Maar durf ik echt gaan los te laten en gewoon te starten met iets uit de kwantummechanica wat hem interesseert en eigenlijk van daaruit naar onder toe te werken. De dingen die we tegenkomen uit te zoeken en zo naar de basis te gaan? Het is niet hoe het normaal werkt in ons onderwijs in het secundair. Durf ik dit?

Eerlijk? Ik weet het niet. Komt er bij dat ik op 13 december onderwijsinspectie heb voor ons huisonderwijs. (Krijg je een negatieve inspectie dan krijg je opnieuw een inspectie binnen een 2-tal maanden. Is deze inspectie terug negatief moeten de kinderen terug naar school.) Is dit het moment om om te schakelen? Maar ik ga toch ook niet een interesse in leren en ontdekken de kop indrukken omdat we inspectie krijgen?! Dan zijn we toch fout bezig? Of niet durven te schakelen omdat ik natuurlijk zelf toch ook wel in vakjes ben opgeleid en ik durf al wel 3,4 … 5 vakjes samen nemen. Maar durf ik de vakjes gewoon afbreken?

Resultaat? Veel denkwerk. Ik had gehoopt dat het schrijven van een blogje me opzoekwerkduidelijkheid gaf, maar dat is nog niet. Mijn hoofd is op dit moment ook zonder vakjes en alle gedachten schieten nog rond. Daarboven moet het wel nog in vakjes vallen om te kunnen beslissen hoe we dit kunnen aanpakken. Maar het gesprek heeft me wel bakken energie gegeven. Het programma voor het weekend is dus lichtjes gewijzigd. Ik ga uitzoeken hoe ik het kan aanpakken en hoe we dus van gespecialiseerd naar basis toe kunnen werken en hoe ik echt kan loslaten. We zullen zien wat het resultaat gaat zijn.

Het was alleszins een zaterdagochtendgesprek dat ons huisonderwijs op zijn grondvesten deed daveren! 

Advertenties

Van huisonderwijzer naar gap-year-assistant

Onze dochter Dirkje is afgelopen juni afgestudeerd aan de examencommissie. Maar wat daarna? Eigenlijk lag het voor haar vast om biomedische wetenschappen te gaan studeren aan de universiteit van Maastricht. Toch vonden wij dat ze moest nadenken over een gap year om allerlei ervaringen op te doen. Volgens ons nemen we daarna niet meer vaak die kans. Na wat lijstjes maken met dingen die ze zou willen doen (was meer materiaal dan voor 1 jaar), hakte ze de knoop door om een gap year te nemen.

Ze deed al verschillende dingen in haar gap year maar haar eerste echte trip alleen is nu. estlandPrecies op dit moment dat ik het schrijf zit ze in Estland. Het was een kans die last minute op de proppen kwam. Ze mocht gaan sparren met een meisje van Viljandi en ze zou dan ook door haar trainer getraind worden. Dat leek ons allemaal een leuke kans om weer een andere cultuur te leren kennen. Dus Dirkje ging aan de slag. Tickets en appartement werden geregeld door de coach, maar zij ging aan de slag met opzoeken wat ze daar kon bezoeken en ze ging haar dagtrip voor haar vrije dag plannen naar Tallinn.

Maar ook in een gap year gaat niet alles zoals gepland. Drie weken voordat Dirkje zou vertrekken kwetste ze de ligamenten in haar enkel met het spelen van padel. Enkele dagen voor haar vertrek ging ze haar enkel testen op het tennisterrein en dat voelde wel ok. Dus de trip naar Estland werd in gang gezet en afgelopen vrijdag vertrok ze met het vliegtuig naar Estland.

Ze heeft dat allemaal echt schitterend leren regelen: opgepikt worden aan de luchthaven, alleen in een verlaten hostel blijven slapen, zelf eten maken, …  Tot daar nog altijd gewoon de taak van huisonderwijzer voor Thijssen (en Coachpunt natuurlijk) voor mij. Maar dan gaat er iets niet zoals gepland als ze een paar duizend kilometer van je vandaan zitten. En dan krijg je plots promotie, je wordt gap-year-assistant. Niet alleen onze Noorderburen kunnen goed namen verzinnen. 😉

De enkel bleek het toch nog niet aan te kunnen. Na 1 dag trainen, wat dan meteen een stevige dag trainen was op alle gebied, werd haar enkel terug heel stijf en wat pijnlijk. Het was ook wel even wennen aan een coach die het blijkbaar belangrijk vindt om de mensen die bij hem trainen uit te schelden, te demotiveren en zelfs te straffen bij fouten. Er kon geen groter verschil zijn met haar eigen trainer hier in Tessenderlo. Dus werk voor de gap-year-assistent. Het gedrag van de coach wat plaatsen en zeggen dat ze gerust op een beleefde manier mocht tegenspreken.
Haar beleefde assertiviteit naar de trainer toe hielp op zondag. Dus dat was al weer iets wat ze heeft geleerd. Je moet niet omdat het daar de gewoonte is, er zelf helemaal in mee gaan. Je mag op een beleefde manier laten merken wat voor jou niet kan. Maar ongelukkig genoeg ging de tennistraining die zondag door op tapijt. Dat was natuurlijk nog minder goed. De enkel begon terug overal pijn te doen en was terug gezwollen. Ze besloot ook om de training vroeger te stoppen (tot daar nog zelf beslissen en geen werktwijfel voor de gap-year-assistant). Maar dan moesten de beslissingen komen. De volgende dag had Dirkje sowieso een vrije dag en zou ze naar Tallinn gaan. Maar was het zinvol om nog terug te keren naar Viljandi en eventueel te riskeren dat de enkel nog erger gekwetst zou geraken?

En voor die beslissingen heb je een gap-year-assistant nodig, of eigenlijk 2, Joeri en ik. En gapyearassistantdat is een mooi leermoment geweest. Een moment wat je niet kan “simuleren” bij je thuis. Je zit als 18-jarige alleen in een land op een paar duizend kilometers van je huis. Het loopt niet zoals gepland en je moet beslissingen gaan nemen. Je moet terugkomen op je oorspronkelijk plan. Is dat dan niet falen? Je moet nadenken over welke alternatieven er zijn? Bedenken of dat kan financieel. Wanneer uit je je bezorgdheid naar je ouders, naar de mensen ter plekke? Dus de gap-year-assistants hebben hier heel wat over gechat, gebeld, gestuurd, … met hun dochter in Estland.
Ik kan het me zelf ook nog voorstellen hoe moeilijk het was om op je plan terug te komen en moeten bij te sturen en niet dat originele plan te kunnen doen. Voor mij was het als 18-jarige ook pas in orde als mijn mama (toen kenden we nog geen gap year en dus ook gap-year-assistant) dan zei dat dat een goede beslissing was. Dus we gingen met Dirkje de mogelijkheden na wat te doen na haar vrije maandag in Tallinn:

  • terugkeren naar Viljandi maandagavond vanuit Tallinn en proberen nog een dag te trainen met haar voet. Als dat dan niet zou lukken, terugkeren naar Tallin en dan doorreizen naar Riga.
  • terugkeren naar Viljandi maandagavond vanuit Tallinn, spullen pakken en richting Tallin of Riga om het vliegtuig naar huis te nemen
  • terugkeren naar Viljandi op maandagavond vanuit Tallinn, proberen en daar blijven om gewoon op zondag terug te keren zoals oorspronkelijk bedoeld was.
  • op zondag al beslissen om te stoppen met het tennisproject en met haar koffer naar Tallinn te reizen en dan er een andere vakantie van maken door dingen gaan te bezoeken.

En samen kwamen we eruit om te kiezen voor de laatste optie. Dus in plaats van een hele week te trainen in Viljandi en 1 dag een uitstap te maken naar Tallinn is het nu een heel andere reis geworden. En zo een switch maken is niet altijd gemakkelijk. Je moet maar bedenken dat haar brein op minder dan een week van surfvakantie in Marokko naar een sparring-tennis-project in Estland is gegaan om nu een sightseeiing-vakantie te worden. Maar ze leerde om dit allemaal een plekje te geven en er voor te gaan. Op weg naar het onbekende…

Dus de gap-year-assistant is in gang geschoten om te bespreken wat kon en beginnen te boeken. De creditcard om alles te boeken was immers bij de assistant gebleven. En dit is nu haar programma geworden:

  • maandag en dinsdag Tallinn bezoeken. Wat ze allemaal gaat bezoeken is aan haar.
  • woensdag met een busje van Tallinn naar Riga reizen en onderweg 4 steden bezoeken in Estland en Letland.
  • donderdag en vrijdag Riga bezoeken.
  • vrijdagavond terugvliegen naar Charlerloi.

LetlandEstland.PNG

En dat doet ze dus maar allemaal. Alleen de trein naar Tallinn, alleen haar vervoer tot aan het hotel regelen, alleen op hotel, alleen de stad verkennen, alleen tot aan haar hotel in Riga geraken, alleen haar transport naar de luchthaven regelen, … Misschien lijkt het niet zo erg. Maar toch, het allemaal alleen doen als 18-jarige… Ik weet niet of ik het had gekunnen en of ik het had gedurfd vooral?

Dus dit gap year is het nieuwe huisonderwijs 2.0. Zoveel geleerd en nog zoveel zo te leren. En niets daarvan staat in de studieboeken, maar toch zijn het lessen waar ze haar hele verdere leven van zal profiteren. De Nepal-reis van vorig jaar heeft haar zoveel geleerd. Ze kan nu al veel vlugger beslissingen nemen om aanpassingen te maken en ze reist zelfverzekerd (uiterlijk toch) alleen door de Baltische landen. Het lijken mij allemaal kwaliteiten waar de markt van morgen naar op zoek is. Maar vooral genieten daar op je reizen, Dirkje! Je gap-year-assistants staan altijd klaar.

Wil je Dirkje volgen in haar gap year? Ook zij schrijft een blog: https://wherelifebegins.be/ 

Onze planning dit huisonderwijsjaar

Met 2 extreem wispelturige ADHD’ers in huis – man en dochter- en een zoon met ASS en ADHD, kunnen we niet zonder planning. Of eigenlijk moet ik zeggen dat ik niet zonder kan. Op die manier weet ik op welke ADHD-kar ik kan springen en iedereen kan meenemen en welke ADHD-kar ik bewust moet laten voorbij rijden en gewoon eens moet knikken naar die kar. Vroeger zat die planning in mijn hoofd maar met ons huisonderwijs wordt hij elk jaar beter en beter neergeschreven. Of getypt moet ik dit jaar zeggen. Mijn jaarplanning houdt dus niet alleen de leerstof in maar ook ruimte voor uitstappen, vakanties, en natuurlijk marges om op spontane karren te kunnen springen.

Mijn manier van plannen en hoe ver in het plannen gaan is al elk jaar van het huisonderwijs gewijzigd en soms ook nog wel eens tussendoor. Dit jaar wil ik alles digitaal doen. Dus Excel is mijn beste vriend voor dit schooljaar, samen met Google Classroom. De reden hiervoor is simpel. Thijssen is heel erg gegroeid in zijn huisonderwijs en ik ga terug freelancen. Dus heb ik iets nodig waar we beide altijd en overal aankunnen. De digitale “cloud” in dus!

terubblikMijn planning begint eerst met nadenken over het afgelopen schooljaar. Je doet dat continu en stuurt continu bij. Maar ik vind het fijn om 2 keer per jaar toch even eens neer te schrijven waar ik vind dat Thijssen gegroeid is, nog moet groeien, wat we anders moeten aanpakken, waar er werkpunten voor een bepaald vak liggen en mijn voornemens er bij noteren. En vooral de vorige versies nalezen, helpt altijd. Ik zie waar ik dingen uit het oog verloren ben en waar ik te veel tijd aan heb besteed. Langzaam wordt mijn beeld van hoe ik het dit jaar wil aanpakken dus minder wazig. Dat gaat zowel over het tijdschema dat we volgen elke dag, als de accenten die ik wil leggen qua attitudes. Het gaat me dan absoluut nog niet over wat we voor welk vak gaan behandelen.
Bijvoorbeeld ons tijdschema liep goed vorig jaar, dus dat houden we aan. Op het laatst zijn we gaan werken met een lijst met zelfstandige taken voor de hele week en moest hij die inplannen per dag. Dat liep ook goed, dus dat houden we ook. Maar dit jaar gaan we een stapje verder proberen te gaan. Hij zal nu een lijst krijgen per week van elk vak met daarop wat er aan les moet gegeven worden, wat hij zelfstandig kan doen, wat hij moet onderzoeken, … en dan mag hij zelf bepalen wat wanneer. Op die manier leert hij om aan te voelen wat hij best doet op een goede dag en wat hij beter kan doen op een minder goede dag. Of dat is toch de bedoeling. Naast werken op zelfstandigheid wil ik ook werken aan schrijfcapaciteiten: tekstopbouw, verzinnen, schematiseren, essentie, … Het zijn dus allemaal van die dingen die zich eerst vormen in mijn hoofd.

tabbladenExcel

examenplanningDaarna heb ik dit jaar in Excel met heel wat tabbladen gewerkt. Eén tabblad daarvan is de examenplanning. Sommige examens liggen al mooi met datum vast maar ik vind het belangrijk nu we aan een nieuwe graad beginnen dat we even plannen welke vakken we over de 2 jaar uitdoen. Nu dat loopt niet exact, want we moeten nog Frans doen van de eerste graad, maar hebben ook al Engels van de tweede graad gedaan. Maar door al een ruwe schatting te maken van wanneer welk examen, weten we met welke vakken we gaan beginnen en in welke tempo. Dus eigenlijk is dit al een eerste soort ruwe planning.

jaarplanningIn een ander tabblad “jaarplanning” heb ik mooi ons heel jaar uitgezet. Elke dag een kolom en voor de verschillende vakken een rij. En dan de maanden mooi in blok onder elkaar. Schoolvakanties mooi geblokkeerd want dan zijn er altijd plannen met de vrienden. Ook geblokkeerd wanneer we zelf op vakantie gaan, want dat is dan weer altijd net buiten de schoolvakanties. Zijn er al belangrijke feesten of events? Dan moeten we de dag ervoor en de dag erna het meestal rustiger aan doen. Zijn er hobby’s ’s avonds? Dan moeten we misschien wat vroeger eindigen om terug een rustig hoofd te krijgen. Daarna begin ik te bepalen hoeveel werktijden van 30 minuten we elke dag gaan voorzien voor de “echte” vakken. Dat is nooit tot tegen het maximum want er moet tijd over zijn voor een werktijd actua, een werktijd om te tekenen, een werktijd om te skateboarden, een werktijd om te programmeren, een werktijd om te …. En gewoon een werktijd om niets te doen als het geen goede dag is of als er onverwachte ADHD-karren komen voorbij gereden. Vervolgens ga ik per vak plannen hoeveel werktijden we er aan willen en kunnen besteden per dag. Via formules laat ik onmiddellijk controleren of mijn totaal aantal uren per dag niet groter wordt dan mijn gepland aantal uren. Met een kleurtje krijg ik dan een signaal. Tot slot maak ik per vak de som per maand en tot en met het geplande examen.

inhoudsopgaveDe volgende stap voor mij is dan om de inhoudsopgaven van de boeken die we zullen gebruiken erbij te nemen en beginnen uit te rekenen hoeveel pagina’s we per lestijd moeten behandelen in functie van de lestijden die ik heb gepland tot aan het examen. In mijn Excel geef ik dan in welke onderwerpen we per week behandelen aan de hand van de geplande werktijden. Soms zie ik dan dat we die week beter meer of minder van dat vak kunnen doen en begin ik te schuiven in de geplande werktijden. De extra vrije tijd die we sowieso per dag in onze planning houden, laat ons toe om de onderwerpen natuurlijk niet enkel vanuit dat handboek te bekijken maar er een hele hoop meer rond te ontdekken.

En nu begint de uitwerking per vak. Dat doe ik natuurlijk nog niet allemaal in de grote vakantie maar de bedoeling was om toch zeker de eerste anderhalve maand volledig rond te hebben. En dat is goed gelukt. Ondertussen zijn we natuurlijk verder aan het uitwerken en aan het bijsturen.VakNederlands

In deze fase van mijn planning maak ik een tabblad in Excel aan per vak en daar plan ik wat we precies gaan doen voor dat vak op welke manier met de geschatte tijd. Zo komt er bijvoorbeeld in te staan dat Thijssen zelfstandig een filmpje van schooltelevisie kan kijken over zons- en maanverduistering gedurende 5 minuten. Dat filmpje zet ik dan ook al klaar via Google Classroom met de juiste einddatum van die week. Of er staat in dat er een leermoment is rond de stelling van Thales in een driehoek voor 20 minuten. Hoe dat leermoment er precies uit zal zien, dat zal afhangen van de creativiteit die week of die dag. Maar hoe die stelling van Thales weer juist in elkaar zit, heb ik nu wel al terug onder de loep genomen. Soms heb ik al een idee wat we er mee kunnen doen en noteer ik het er al bij. Maar elk onderwerp wordt nu in kleine blokjes gehakt en soms wordt er een noodzakelijke volgorde aan meegegeven. Deze lijsten zal ik tijdens ons schooljaar per week afdrukken voor Thijssen en zo ziet hij wat er per vak die week van hem wordt verwacht. Hoe we dat invullen en wanneer we dat invullen, dat zien we die bepaalde week. Maar op deze manier heb ik een leidraad.

Vermits ik niet elke dag volledig vol plan op voorhand, is er ook tijd om zelfstandig af te werken. Dus per week per vak houd ik in een tabblad “huiswerk” bij hoeveel tijd er aan “huiswerk” zal besteed moeten worden. Anders dreig ik mij nog al eens in mijn planning te verliezen en blijf ik allemaal leuke dingen vinden en is het nooit haalbaar qua tijd en qua examenplanning. Via de functie “draaitabel” van Excel staat er altijd een overzichtje klaar hoeveel tijd er voor elk vak per week ongeveer aan huiswerk zal besteed moeten worden.

Het lijkt misschien ingewikkeld dat ik eerst per dag ga schatten hoeveel uren werken en dan dat ik niet per dag het concreet uitwerk of dat het niet per dag wordt uitgevoerd. Maar ik wil Thijssen verder laten evolueren in het zelf plannen en vooral zelf beslissingen laten nemen. Maar ik wou toch controle houden over wat mogelijk was om te doen. En als ik het niet exact opsplits, denk ik nu veel te vaak: oh dat kunnen we doen en dat! En dan plan ik weer veel te veel. Dus op dit moment leek me dit de handigste werkwijze. Of dat volgend jaar nog zo zal zijn?

extraDe niet-echte-schoolvakken moeten ook wel aan bod komen want dat is net het leuke aan huisonderwijs. Dus daar is weer een ander tabblad voor met al deze dingen mooi onder elkaar in een lijstje. En dat lijstje zal groeien en wijzigen, want daarom kiezen we net voor huisonderwijs. Maar per week zullen we op een afgedrukt exemplaar aanduiden wat we al hebben gedaan. Gewoon om alles eens aandacht te geven en niets uit het oog te verliezen. Hier vinden we vanalles op terug van actua in het Frans, tot bouwen, tot zwemmen, tot muziek, tot Skilville, tot oud-Grieks. En misschien komt het wel gecombineerd met een “echt” vak terug in een project, maar op deze manier weet ik toch zeker dat ik bewaak dat ik aan verschillende dingen aandacht geef.

En dan zijn we bijna door mijn talrijke tabbladen uit van Excel. Het planningsgedeelte is hier af alleszins. De andere twee tabbladen zijn nu enkel nog bijhouden wat we effectief deden. Want ja, ik maak wel een planning maar wat we effectief doen per dag lag niet op voorhand vast. En ik weet dat er altijd onverwachte dingen tussenkomen. En dan niet alleen door ziek zijn of zo maar ook gewoon omdat we iets anders leuk hebben gezien of een briljant idee hebben gekregen om een project uit te werken. Maar de andere twee tabbladen zijn dus nog leeg op dit moment, want dat zijn de agenda en het opvolgen van onze ontwikkelingsdoelen.

Als ik terugblik op mijn eerste jaar huisonderwijs is dit veel meer gestructureerd en veel meer op voorhand gepland. Maar alles verandert: je manier van huisonderwijs inrichten, de omstandigheden, de personen en dus ook onze planning. En voor mij voelt een goede planning fijn. Ik kan dan naar mijn gevoel met een gerust hart op de juiste ADHD-karren springen die hier in huis rond denderen. Dus geen continu ongerust gevoel meer over examens en of we wel alles klaar krijgen. Met deze planning kan ik ook gemakkelijk schuiven en herplannen en zie ik meteen de gevolgen daarvan.

Zou minder plannen niet werken? Absoluut wel. Maar voor ons lijkt dit het beste plan voor ons huisonderwijsjaar.

Een terugblik op onze beslissing…

Yeeehaaa! Dirkje is geslaagd! Op het moment (ook al is het dan al meer dan 3 weken geleden) dat de laatste punten binnen zijn en het diploma een feit is, wordt het tijd om een achterom te kijken.

April 2017 was de maand van de grote beslissing. De knoop werd na verschillende lichte twijfelperiodes in de voorbije 2 jaar eindelijk doorgehakt. Wij zagen al een tijdje dat Dirkje “Dirkje” niet meer was, maar langzaam aan veranderde tot een standaardformaat. Waar trouwens ook absoluut niets mis mee is, maar zo kenden wij ons Dirkje niet. Maar eigenlijk begon ons huisonderwijs al in de twijfelperiode. Ze heeft altijd zelf gekozen en zelf ervaren waar het toch niet liep zoals ze eigenlijk wou. Achteraf gezien zegt ze wel dat ze eigenlijk vroeger had moeten schakelen naar huisonderwijs en examencommissie, maar nu heeft ze het toch maar zelf ontdekt en ervaren.Nepal

 

Om terug te blikken op onze beslissing zou ik ons jaar kunnen overlopen, maar via zowel mijn blog als de blog  van Dirkje, http://namastenepal2k17.blogspot.com/, heb je die verhalen al kunnen volgen of kan je nog eens lezen. Ondertussen heeft ze al een nieuwe blog voor haar extra jaar dat ze gaat nemen: https://wherelifebegins.be/. En dat is wherelifebeginsmeteen al een eerste punt wat haar jaar huisonderwijs heeft opgeleverd. Ze heeft gemerkt dat ze eigenlijk graag schrijft. Als kind maakte ze al krantjes en zocht ze “klanten”. En die liefde voor het schrijven heeft ze terug ontdekt. Tijdens haar bijna 5 jaar op het secundair was die liefde in een vergeethoekje terecht gekomen omdat een hele dag op school zitten en daarna nog taken maken en leren, haar creativiteit niet echt bevorderden. Maar genoeg… het ging over Dirkje haar jaar huisonderwijs. In de stijl van haar nieuwe blog wil ik 5 dingen opsommen die ze leerde door haar huisonderwijs en die ons doen realiseren dat we extra blij zijn dat ze koos voor deze ervaring. Dus nieuwe titel:

5 dingen die huisonderwijs Dirkje leerde

1. Plannen is nodig om chaos te vermijden

Dirkje roept soms spontaan het woord “chaos” op. Als Dirkje in huis is, ligt er overal iets. Ze antwoordt op elk voorstel “ja” om dan tot de conclusie te komen dat het niet allemaal haalbaar is of dat ze halfdood uit het weekend komt. Als je zo de wereld van de examencommissie instapt, dan loopt het niet goed af natuurlijk. Dus Dirkje heeft wel geleerd dat plannen nodig is en “nee” zeggen ook. In school zou ze dit niet zo echt hebben moeten leren, omdat je vanzelf al in een structuur zit van 9u tot 16u elke dag. Maar in huisonderwijs kan je op heel veel “ja” zeggen. Dus ze heeft leren werken met een planning om haar vakken te plannen wat er per uur door moest en om blokjes in te plannen waarop er kan ingehaald worden of verder bijgewerkt of verdiept worden. Dat realiseren en ook nog gebruiken, vind ik zelf  een heel groot voordeel. Dus “Check!”, het eerste voordeel is er al.

2. Doorzetten ook al ben je bang om je doel niet te halen

Ook in het gewone onderwijs moet je kunnen doorzetten. Absoluut! Maar het traject via examencommissie doen vraagt toch nog net meer doorzettingsvermogen. Je weet totaal niet wat je kan verwachten. Anders weet je al uit de klas wat je leerkracht belangrijk vindt of je kent de vraagstelling al van de leerkracht. Nu was het echt alles grondig leren. Want soms was het zo dat er echt heel erg in detail gevraagd werd, over dan ook nog een detail. Dus soms zie je het einde niet echt heel goed en twijfel je of je wel ver genoeg staat met je voorbereiding, en ook dan moet je kunnen doorzetten. En je moet dan ook beslissingen kunnen nemen. Zo hebben we 1 keer een examen uitgesteld omdat ze echt het gevoel had niet klaar te zijn. Bij volgende examens kwam dat gevoel soms terug, maar ze leerde toch goed verschil maken tussen dat gevoel hebben omwille van stress en dat gevoel heel terecht hebben. En ja, soms kwam er wel eens de angst of het allemaal zou lukken. En dan moet je durven blijven staan achter je beslissing en blijven verder gaan. En dat blijven verder gaan heeft ze gedaan. Ze heeft haar schooltijd op dezelfde tijd afgerond met daarbij nog een hoop reizen en ervaringen bij op haar lijstje.

3. Uitspitten, niets zo maar aannemen

Eigenlijk was dat iets wat Dirkje al goed leerde in de Freinetschool, maar toch zagen we het wel verdwijnen in het reguliere secundair. Er waren natuurlijk wel leerkrachten die dat prikkelden, maar er waren er ook die dat niet prikkelden. En ik ben er van overtuigd dat dat binnen de examencommissie ook zo is. Maar Dirkje wou het allemaal weten en wou het allemaal begrijpen. Dus Google werd haar beste vriend om alles extra op te zoeken. Dus er was nergens meer “zo maar aannemen” bij. Ze wou weten waarom en hoe precies. En die nieuwsgierigheid en leergierigheid zijn grote troeven. Want ze realiseerde zich dat als ze zo maar dingen aannam ze eigenlijk niet goed begreep en dus ook niet op de typische toepassingsvragen van de examencommissie zou kunnen antwoorden zoals zij wou.

4. Met je eigen weg kiezen is niets mis

Uiteraard komt er commentaar als je als goede, brave leerling een beslissing neemt om je hart te volgen en dus te stoppen met school en over te schakelen naar huisonderwijs. Soms doet de commentaar pijn en soms maakt hij je sterker. Dat is meestal afhankelijk van wie hij komt. Maar met je eigen weg kiezen is niets mis, leerde Dirkje. Daarom was het belangrijk om op voorhand goed na te denken over die beslissing en altijd voor ogen te blijven houden waarom ze die keuze maakte. Tegen de stroom is niet zo gemakkelijk maar geeft veel meer adrenaline dan met de stroom mee. Een belangrijk les: als je iets echt wil, ga er dan voor, ook al is het via een eigen pad dat niet zo vaak genomen wordt. Als jij weet waarom je het doet, kan je het ook uitleggen aan anderen zodat ze het begrijpen.

5. Genieten en werken kunnen samen gebeuren

Het is een jaar geweest met hard werken, maar dat sluit niet uit dat ze ook heel wat heeft genoten. Ze heeft een aantal reizen gemaakt natuurlijk, maar daar ligt het genieten eigenlijk niet in. Doordat ze nu zelf haar planning maakte qua leren, tennissen, op stap gaan, hobby’s, … kon ze veel meer genieten  van alles. Er kon nu niet onverwachts een toets of voorbereiding tussen komen. Zij maakte haar planning en dat hield in plannen wanneer hard werken en plannen wanneer genieten. Ze leerde dat als je de vrijheid hebt om zelf je ritme te bepalen dat je dan gerust hard werken en genieten kan combineren. En is dat nu niet een gouden regel om een “burn out” later te voorkomen: werken en genieten.

Dus ja… het is een geslaagde ervaring geworden voor Dirkje. Geslaagd in de letterlijke zin om dat ze voor elk examen van de eerste keer slaagde op de examencommissie voor de richting Wiskunde-Wetenschappen. En ik weet dat dat in het reguliere onderwijs niet zo speciaal klinkt, maar neem maar van mij aan dat dat bij de examencommissie een hele prestatie is. En anderzijds geslaagd omdat ze precies heeft kunnen doen wat ze voor ogen had: ervaringen op doen en gemotiveerd leren.

IMG_4541

 

 

 

 

 

Het bruisende gevoel van een nieuw project.

Omdat we een tijdje in een examenperiode hebben gezeten was er even niet zo veel tijd om echt aan een project te werken. Als je bepaalde onderwerpen echt moet gezien hebben tegen een bepaalde datum, dan is het even op de gewone klassieke manier werken. Maar nu ligt de weg weer open en we hebben een nieuw project! Een goed nieuw project hebben waar je zo veel aan koppelen als je wil, geeft altijd zo een fijn gevoel. Overal waar je kijkt, krijg je plots ideeën en je hebt bijna te veel ideeën voor de beschikbare tijd. Het ene idee laat een volgend idee geboren worden! En die energie kunnen doorgeven zodat Thijssen zelf ook met ideeën komt is dan nog eens extra fijn.

Maar hoe kruist zo een nieuw project je pad? De beste projecten komen per toeval op je pad, want net die projecten zijn ergens door een spontane interesse ontstaan.  Net die projecten zijn niet door een verplicht schools onderwerp ontstaan. En daar dan je onderwerpen van de vakfiche aan kunnen koppelen geeft een behoorlijk fijn gevoel. Dus ook ons nieuw project is per toeval op ons pad gekomen. Eigenlijk gewoon terug Freinettijd dus.
Vorige week zag ik een berichtje van een vriendin op Facebook over de Historic Grand Prix in Zolder volgend weekend. En laat LouwmanmuseumThijssen nu net heel veel bezig zijn met auto’s. Dus even polsen bij deze lieve vriendin en ons project begon spontaan te groeien. We gaan dit weekend naar de Historic Grand Prix en kregen meteen ook nog een tip van haar om naar het Louwmanmuseum in Den Haag te gaan. Dus dat staat al op ons lijstje voor ons project!

De ideeën groeien snel. Wat deden we deze week al zonder al te veel voorbereiding en lang te zoeken wat we konden doen met ons project:

  • we bekeken de landschapselementen van een toeristisch landschap en de menselijke en natuurlijke aantrekkingsfactoren als ook de negatieve en positieve gevolgen voor milieu en ecologie maar ook voor de economie. Daarna gingen we dit toepassen op de omgeving van het circuit in Zolder. Check aardrijkskunde en economie. Ook al legden we dan net van dat laatste vak examen af, dat maakt ons niets uit. We leren niet enkel voor de examens.mythbusters
  • Ook naar Mythbusters kijken kan niet ontbreken bij zo’n onderwerp. Thijssen keek naar een mythbuster over de speed camera in het Engels, zonder ondertiteling. Check fysica en Engels!
  • Auto’s worden vaak geïmporteerd in België en komen dan binnen via de haven. Dus we bekijken de landschapselementen van een haven  en bespraken de ligging van de Antwerpse haven en ook de andere havens. Maar ook de soorten schepen, soorten goederen, … En van dit alles maakt Thijssen terwijl een Prezi. De bedoeling is nu nog dat we vrijdag op bezoek gaan in de Antwerpse haven en dat hij hier foto’s neemt. Deze foto’s kan hij dan mooi toevoegen aan zijn Prezi. Check aardrijkskunde, informatica en plastische opvoeding.
    artikel
  • In ons Frans tijdschriftje “Allons-y” stond een artikel over Charles Leclerc, een jonge piloot uit Monaco. Dus het artikel lezen, nieuwe woordenschat leren en vraagjes oplossen. Volgende week gaan we nu nog ons zelf leren voorstellen als een piloot en vertellen wat we in het verleden hebben gedaan en in de toekomst gaan doen. Een mooie herhaling van onze tijden! Check Frans.
  • Als dagelijkse schrijfopdracht heeft Thijssen een mail moeten sturen naar een vriend in het Engels om hem te overtuigen om mee te gaan naar de Historic Grand Prix. Check Engels!
  • We hebben een woordspin in het Frans gemaakt met allerlei woorden die betrekking hebben op “une voiture”. De werkwoorden hebben we vervoegd en in de verschillende tijden geplaatst. Daarna zijn we zinnen gaan maken met die woorden.
  • En natuurlijk zelf werken aan onze mind map rond het project en items toevoegen om te doen of te bestuderen.

project

En je moet je bedenken dat we nog maar anderhalve dag ver zijn na het starten van ons project. En de ideeën blijven komen:

  • naar een echte car meet gaan
  • de verschillende auto-onderdelen leren kennen
  • meehelpen in een garage
  • welke materialen worden gebruikt in een auto en in een race-auto. Check chemie!
  • filmpjes rond mei ´68 kijken om zo de tijdsgeest te begrijpen van de MG’s van onze vriendin die ons de uitnodiging bezorgde voor de Historic Grand Prix. En meteen zijn we bezig met het herdenken van 50 jaar mei ´68. Check geschiedenis!
  • Spreekwoorden en zegswijzen opzoeken met auto, wiel, … Check Nederlands!
  • bestuderen van de eenparige rechtlijnige beweging met het opstellen en opmeten van een proef, maken van grafieken en berekeningen. Check fysica!
  • bedrijfskolom opstellen van een auto en naar de verschillende soorten industrieën kijken die te maken hebben met de productie van de auto. Check aardrijkskunde en  economie!
  • rondleiding op Francorchamps en filmpje maken in het Frans om de locatie voor te stellen en later het filmpje monteren met foto’s, muziek en de korte filmpjes zelf.
  • En natuurlijk de tip van de vriendin: het Louwmanmuseum

En terwijl ik deze blog aan het schrijven was, bedacht ik me dat we ook “Wie is het” kunnen spelen met auto’s in het Frans. Dus even gestopt met het schrijven van mijn blog en fotootjes verzameld van allemaal auto’s om het maandag te kunnen spelen.

wieishet

Heerlijk! Dat tintelend gevoel van te veel energie en ideeën te hebben. Moest je ook aangestoken zijn en ideeën hebben voor ons, laat het ons dan zeker weten. We houden jullie zeker op de hoogte hoe ons project verder gaat!

 

 

Leidt streng zijn tot beter leren?

Eerste reactie van mezelf op deze vraag is meestal: absoluut niet! Maar na de inzage van Dirkje haar examen wiskunde moet ik zeggen: ja, streng in de zin van veeleisend leidt tot beter denkwerk. Maar eerst misschien even uitleggen wat een inzage is bij de examencommissie.

Op de examencommissie mag je nooit een examen gaan inkijken als je geslaagd bent voor een vak. Niet echt fijn, want je kan niet echt leren van je fouten. Dus omdat Dirkje haar examen wiskunde uit twee delen bestaat, hadden we toch de kans om haar examen gaan in te kijken ook al was ze geslaagd. Dirkje had zelf een heel goed gevoel over het examen en het resultaat liet dat niet echt duidelijk zien. Dus we waren benieuwd.

Tijdens zo een inzage krijg je op een computer je ingescand examen (sommige examens zijn nog op papier) en de correctiesleutel te zien. Verder kan je per vraag typen wat er volgens jou niet correct verbeterd is. Ik vond het kunnen inkijken van de correctiesleutel al heel leerrijk. Want dan ziet een leerling tenminste wat er precies verwacht wordt. Er werd ook duidelijk aangegeven waar hoeveel punten opstonden. Op zich was het niet volledig oneerlijk verbeterd (we hebben wel bij heel wat vragen commentaar genoteerd) maar het is vooral streng verbeterd. Heel vaak kan je nog maar weinig tot geen punten meer halen als er in de eerste regels van een oplossing een fout staat. En dat is volgens mij toch niet altijd in het klassieke onderwijs. Als het maar een klein foutje is en het daardoor dezelfde soort oefening blijft, krijg je echt nog wel punten op je methode. En net die kleine foutjes zijn een teer punt voor iemand met ADHD. Moeten ze er daarom rekening mee houden? Nee, dat hoor je me niet zeggen. Maar ik geloof dat door er veeleisender op te zijn, Dirkje wel vroeger had kunnen leren om nauwkeuriger te zijn. Dirkje zegt nu ook dat leerkrachten haar vaak zegden dat ze nauwkeuriger moest zijn of beter moest lezen. Maar voor iemand die er problemen mee heeft, is dit te vaag. Maak het concreet en leer het stap voor stap aan. Dus dat hebben we gedaan naar haar volgend examen toe. Ik ben benieuwd want het volgende examen (fysica) is afgelegd maar nog niet verbeterd.

Maar eigenlijk is het een gemiste kans in het klassieke onderwijs. Dirkje had altijd goede punten en je krijgt als ouder dan geen examen te zien. Jammer, want daardoor weet je eigenlijk niet waar het ligt en ga je eerder uit van dan eens een fout door iets gewoon fout te doen, dan door iets niet te begrijpen, dan door niet nauwkeurig te zijn, … Maar uit het inkijken van het examen bleek al heel snel dat Dirkje de leerstof begreep. En eigenlijk wist ik dat ook wel van voor het examen als ze soms iets kwam vragen. Daarom dat ik zelf ook verbaasd was over haar resultaat. Maar Dirkje haar lager resultaat kwam bijna puur uit onnauwkeurigheid. Zelf had ze ook het idee dat ze op school op dit examen zeker 15 tot 20% beter zou gescoord hebben en ik kan haar niet tegen spreken vanuit mijn eigen ervaring op verschillende scholen. Maar door toch altijd zo veel punten te krijgen op haar werkwijze hebben ze haar ook niet geleerd om op zoek te gaan naar manieren om nauwkeuriger te leren werken. En dat was nu eigenlijk toch een belangrijk doel naar later toe.

Dus “ja, strenger in de zin van veeleisender leidt tot beter leren”. Maar het is hard af en toe en het moet groeien natuurlijk. Maar door er niet veeleisend op te zijn wordt het zeker niet geleerd volgens mij. Dus ze hadden dit eigenlijk stap voor stap moeten aanleren via allerlei hulpmiddelen en trucjes om haar zo haar nauwkeurigheid te verhogen. En het is ook vooral hard omdat we in België niet met centrale examens zitten. Dus het verschil tussen de leerlingen kennen speelt bij het verbeteren niet mee. En onbewust is dat anders altijd volgens mij. Maar vooral ook of je zelf de leerstof hebt overgebracht bij de leerlingen. Je schat daardoor al beter in wat je leerlingen kunnen en je leerlingen zijn ook gewoon aan je vraagstelling en weten waar jij de nadruk oplegde. Maar ook bij het verbeteren ga je anders te werk of jij de leerstof gaf of niet, je houdt rekening met je accenten. En met jouw eigen accenten blijf je ook rekening houden, ook al gaf jij de stof niet. Dat heb ik zelf ook ondervonden toen ik examens fysica en beheer it-systemen moest verbeteren van leerlingen waar ik de lessen niet had gegeven. Of eigenlijk moet ik zeggen dat de leerlingen het ervaren hadden en dat hun resultaat ongeveer 10% lager lag.

Maar ook doordat het examens zijn waarbij je geen leerkracht had om het uit te leggen, moeten leerlingen wel veeleisender worden. Ze moeten zorgen dat ze alle mogelijke soorten oefeningen inoefenen want je weet niet wat die examinator belangrijk vindt. Dus meestal kan je je niet beperken tot 1 handboek. Of in je vakfiche staat dat je goniometrische ongelijkheden moet kunnen oplossen. Maar hoe ver gaat dit of hoe moeilijk? Allemaal wat een leerling zelf moet leren inschatten en dus veeleisender wordt. En ja, dat leidt tot beter leren. Dus volgens mij ligt de moeilijkheid van examencommissie niet in dat de vragen zo veel moeilijker zouden zijn, maar wel doordat je zelf moet op zoek gaan en zelf moet bepalen hoe diep je het moet studeren. En ook omdat je geen enkel idee hebt wat de opsteller van het examen belangrijk vindt of wat je kan verwachten.

Dus eigenlijk ben ik ondertussen voorstander geworden van centrale examens. Vroeger was ik er tegen omdat ik bang was dat scholen zich dan zo specifiek zouden richten op het behalen van goede resultaten op die examens. Maar ik geloof toch wel dat het systeem er door eerlijker wordt. Op dit moment is het niet zo een probleem als je in België wil verder studeren. Maar in het buitenland worden vaak cijferlijsten gevraagd. En wat 78% op de ene school is, is maar 63% op een andere. Soms durft het zelfs binnen 1 school erg variëren omdat leerkrachten niet samen examens willen opstellen. Dus ja centrale examens, maar dan wel volgens het principe van de IELTS-examens. Je krijgt een niveau per vak en niet zo zeer geslaagd of niet geslaagd. En voor sommige richtingen zal je dan bijvoorbeeld maar niveau 3 voor Frans moeten hebben maar voor wetenschappen niveau 7.

Wat onze inzage opleverde weten we nog niet. We wachten ondertussen al weken op het resultaat daarvan. Maar ondertussen heeft ze ook haar punten van het andere deel van wiskunde en ook daar was ze op geslaagd. Dus weer een vak van het lijstje af. Als fysica geslaagd is, dan is het nu nog enkel chemie. Maar voor Fysica zijn we nog meer benieuwd, want daar moest enkel nog maar het resultaat voor de vraagstukken ingevuld worden op computer. Dus niks punten voor werkwijze, het is juist of fout. En dan zijn we bijna op het einde van de rit voor Dirkje. Maar de terugblik op dat jaar examencommissie en huisonderwijs is voor een later blogje.

En dan komt de vraag… volgend jaar terug naar school?

Jezelf in vraag stellen is goed en ook de keuzes die je hebt gemaakt natuurlijk. Situaties veranderen of soms blijken zelfs zonder veranderingen gemaakte keuzes toch niet de beste. Dus moet je af en toe stilstaan en rondkijken.

Je doet dat in huisonderwijs volgens mij heel veel: afvragen of school beter is, welke dingen mist hij, hoe kan ik die opvangen. Zeker als ik dan in de media weer lees dat heel wat ouders kamperen voor de KIDS om hun kind in te schrijven voor type OV4. Nu ik weet nog altijd waarom ik dat toen niet de beste keuze vond voor Thijssen, maar ik begrijp ook wel dat dat voor ander kinderen en andere situaties absoluut een goede keuze is. Maar toch twijfel je al wel eens. Maar met een post te lezen over iemand die inderdaad had gekozen voor een autismevriendelijke onderwijs maar die volledig vastliep op te weinig uitdaging dan, was ik toch weer blij met ons systeem.

Maar heeft het huisonderwijs Thijssen ook geholpen? Ik denk dat ik daar heel eerlijk en zonder te stoefen volmondig “JA” op kan zeggen. Thijssen is enorm gegroeid. Door de rust die hij heeft gekregen is hij rustiger geworden en begint hij terug veel socialer te worden. Op feestjes komt hij terug gewoon regelmatig bij de groep zitten en praat hij mee. En wat ik vooral belangrijk vind, is dat hij voelt en weet dat hij dan wel nadien rust moet nemen. De volgende dag is dan meestal geen topdag in ons werken. Maar kijk, dankzij ons huisonderwijs kunnen we dat inplannen. Ook omdat hij niet continu stress voelt door de vele kleine toetsen op een school, of door al gewoon aan te passen aan elkestresstienerschool leerkracht in school, en met alle leerlingen rekening te houden kan hij nu wel vlot alle dagen werken. De stress gaat voor iemand met autisme immers zeker niet alleen om die kleine toetsen, die stress voelen andere kinderen ook. Maar Thijssen kan dan ook nog eens niet zo goed tegen fouten maken, dus dan brengen kleine toetsen wel stress mee. Maar ik denk dat het vaak mis loopt omdat deze tieners niet aan “leren” toekomen in een klas of toch niet zo veel als ze zouden kunnen. Er gaat al zo veel energie naar aanpassen aan de regels van elke leerkracht, ontcijferen wat puberende jongeren bedoelen met bepaalde opmerkingen, je weg vinden in het schoolgebouw, denken aan wat je voor dat vak moest meebrengen, je al zorgen maken over de drukte in de eetzaal, zorgen maken over de chaos straks bij het fietsenrek, een opmerking die in de klas algemeen gezegd wordt maar die persoonlijk wordt opgenomen, … Probeer nog maar eens open te staan om te leren als je brein bezig is met al die blokjes op een juiste plek te krijgen. En die rust krijgt Thijssen nu waardoor hij kan groeien. En hij leert die dingen ook zoals dat het een algemene opmerking was en niet persoonlijk, maar dan nu in mondjesmaat zodat hij ze ook echt kan leren en niet volledig vast loopt.

jaDus “JA” Thijssen heeft door die rust de kans gekregen om te groeien. Hij kan nu ook veel beter zelfstandig werken. Anderhalf jaar geleden kon Thijssen letterlijk nog geen 5 minuten alleen werken. Hij schoot op voorhand al in paniek over wat hij moest doen als 1 van de opdrachten niet duidelijk zou zijn en bedoelde ik mijn opdracht wel zo zoals hij het begreep? Nu heeft hij leren opdrachten op voorhand door kijken of leren een opdracht overslaan en rustig doorwerken. Hij heeft ook leren zoeken op een opdracht en in zijn geval ook zeker belangrijk hij heeft leren zijn aandacht terug focussen. Het kan allemaal nog beter, hè! Maar we zijn absoluut serieus aan het klimmen op deze groeicurve. We hebben dat via een heel geleidelijke aanpak gedaan en via verschillende wegen. Sommige werkten, anderen niet. En ik ben best trots op ons allebei dat we zo ver zijn gekomen. Ik zit nu bijvoorbeeld op dit moment in het examencentrum met Dirkje voor het examen Biologie en Thijssen is thuis zelfstandig aan het werken: CNN10 kijken, sportoefeningen doen, lezen in boek voor Frans, lezen in boek voor Nederlands, oefeningen getallenleer op papier, digitale oefeningen natuurwetenschappen, oefeningen Frans op papier, digitale oefeningen op woordenschat Frans en 2 lesjes Duolingo Frans. En ik zie hier via onze Google Classroom welke digitale items hij al heeft gedaan.

Maar je kan zelf wel op heel wat vragen “JA” zeggen, maar wat wil hij? Af en toe kwam op het einde van het eerste schooljaar wel de opmerking dat hij vrienden miste. Toen was eigenlijk zijn besluit dat hij naar verschillende scholen wou gaan kijken dit schooljaar om zo zeker de juiste beslissing te nemen. Maar ondertussen heeft Thijssen zichzelf zo goed leren kennen. Als we een aanpassing doen in ons werkschema, zegt hij ook vaak dat dat niet mogelijk zou zijn op een school. En dat is ook natuurlijk. En zonder die aanpassing zou hij ook die dag wel overleven, maar de opeenstapeling van de volgende dagen zou dan te veel worden. En nu trekt hij tijdig aan de rem en kan hij weer veel sneller op een goed tempo terug werken.

Dus toen we gisteren gingen beslissen om het Frans examen dit schooljaar of volgend schooljaar te doen, hebben we alles eens afgewogen. Als hij volgend schooljaar wil starten in een school in de tweede graad moet hij immers zeker dit schooljaar Frans nog afleggen om zo zijn getuigschrift voor de eerste graad te halen. Als hij niet terug in een school start, kunnen we het examen Frans verschuiven naar volgend schooljaar en andere vakken van de tweede graad waar hij sterk in is nu al afleggen, zoals bv Engels. Dus hier zijn onze overwegingen:

  • Het loopt goed eigenlijk thuis. Ik heb mijn ritme gevonden en ik voel me er goed bij.
  • Ik wil liever pas het examen Frans maken als ik me er echt klaar voor voel. En daar kan ik hem geen ongelijk in geven want het is toch heel wat moeilijker dan op school. Ze krijgen een viertal luisteroefeningen en leesoefeningen en dan nog twee schrijfoefeningen. Maar de onderwerpen liggen niet vast op voorhand. Dus er is ook geen vaste woordenlijst die ze moeten kennen. Dus dat betekent dat ze een heel brede kennis moeten hebben. Voor het mondeling moeten ze een dialoog, een discussie en monoloog doen na 20 minuten voorbereiding. Ook hier zijn de onderwerpen niet op voorhand gekend en moet je dus al wel echt goed Frans kunnen en durven spreken. En eerlijk gezegd weet ik niet zo veel scholen waar er op die manier taalexamens worden afgenomen in de eerste graad. Leerlingen kennen meestal onderwerpen, of zeker woordenlijsten. En voor de spreekoefeningen weten ze heel zeker welke onderwerpen of welke dialogen.
  • Ik wil liever dan stilaan terug wennen aan school door allerlei cursussen te gaan volgen verspreid over een langere periode.

Dus het besluit is genomen en het wordt nog huisonderwijs volgend jaar voor Thijssen. En we gaan dus het Frans examen uitstellen. Zo hebben we het alleszins al aangepast in onze planning en dat geeft ons tijd om weer wat meer vakken te mixen. We starten beslissingbinnenkort wiskunde, chemie en fysica van de tweede graad op. Thijssen vindt het vreselijk om zich te concentreren op enkele vakken en dus een paar keer per dag hetzelfde vak te moeten doen. Hij heeft liever veel afwisseling en veel vakken gecombineerd in een project. En laat dat nu ook zijn wat ik het liefst heb. Dus “joepie” de ideeën kunnen weer groeien want we moeten nu toch weer tegen 2 deadlines minder aan werken. De andere examens houden we wel aan. Dus vrijdag natuurwetenschappen, dan einde maand wiskunde, in mei economie en in juni aardrijkskunde. En tussendoor gaat hij de twee examens van Engels tweede graad afleggen. Het programma is dus nog druk genoeg, maar we zijn uiteraard met al deze vakken al lang bezig, dus we kunnen rustig werken.

Gek! Ik vind het een mooie beloning dat we volgend jaar verder gaan met huisonderwijs. Terwijl veel mensen in het begin zeiden dat ze het wel heel knap zouden vinden als ik hem zo ver zou krijgen dat hij terug naar school zou gaan na de eerste graad. Maar eigenlijk vind ik dat dus niet. Ik vind het heerlijk dat hij vertrouwen heeft in hoe we het aanpakken en dat hij zelf voelt dat het goed is. Ik ben dus goed bezig met mijn job en mag verder doen!

Een dag in het leven van ons huisonderwijs

Als je post op Facebook, Instagram of je blog, heb je nog al eens de neiging om alleen de leuke, speciale dingen te posten. Of net alleen de echte vreselijke negatieve dingen. Dus denken mensen dat het altijd zonneschijn is bij je, ofwel net altijd regen (of sneeuw in Oostenrijk). Maar hoe ziet een doodgewone maandag er bij ons in ons huisonderwijs er uit?

De voorbereidingen voor die maandag zijn lang voor die maandag gestart en ook al tot een einde gebracht. Een planning is belangrijk bij ons. De ene weet graag wat er gaat komen en voor de andere is het een rem. Zo weet ze dat ze niet op alles ja kan zeggen en brengt ze zichzelf niet in de problemen. De planning voor Thijssen werd in de loop van IMG_1042vorige week gemaakt en is op dit moment tot het volgende examen (in de krokusvakantie) min of meer stabiel. Het is maar mits een goede planning dat je ook weet welke aanpassingen kunnen. In de planning zie je mooi de schoolvakken terugkomen. Op dit moment zitten we in voorbereiding van een aantal examens en dus moeten we wel zien dat we de leerstof allemaal gedaan hebben en herhaald hebben, maar we proberen toch zo veel mogelijk te combineren tussen de vakken. Ook de planning voor Dirkje is begin januari helemaal uitgezet naar wat moet gebeuren elke week. Maar elke PlanningDirkjevrijdag maken we onder ons tweetjes de planning voor de week nadien: wanneer leren, wanneer onderzoeksopdracht, wanneer tennis, wanneer les geven, …Haar planning zit iets voller dan Thijssen zijn door de vele extra activiteiten die ze heeft.

Maar nu onze maandag! Tegen dat de wekker maandagochtend gaat rond een uur of zes zijn alle voorbereidingen gedaan. Dus mijn dag kan beginnen met wat huishoudelijk werk zoals strijken, voorbereidingen voor de lunch en ontbijt maken. Dirkje haar maandag begint al om 8:30 om haar planning te laten uitkomen met haar training enThijssen mag zoals altijd om 9:00 beginnen.

Dirkje leert per uur met kwartieren pauze tussen en af en toe komt ze eens iets vragen over statistiek of kansrekenen. Maar eigenlijk zit Dirkje op haar bureau en werkt volledig zelfstandig. Buiten de korte pauzes zie ik haar dus niet zo veel. Ze start deze maandag alleszins met het onderwerp voortplanting bij biologie en met kansrekenen.

Thijssen en ik starten met een vak dat we “Start van de dag” hebben genoemd. We bekijken dan iets van onze actualijst en vandaag is dat CNN10. Lekker Amerikaans! We leren over de shutdown in de VS en over het gevaar van de internet of things als het over zelfrijdende auto’s gaat en de taak die er ligt te  wachten voor de overheden. Nadat we beide onderwerpen hebben besproken, lees ik voor uit “Post voor Mevrouw Bromley”. 130-201-crop-postvoormevrouwbromleyMisschien vreemd om nog voor te lezen voor een bijna-14-jarige maar het is gegroeid uit een tip die ik heb meegenomen uit de vele huisonderwijs-Facebookgroepen. En inderdaad je kan dan zo veel meer doen. Thijssen vindt het moeilijk om beschrijvend te schrijven. Dus haal ik regelmatig een zin aan hoe je die kort en zakelijk kan zeggen, en bekijken we hoe Stefan Brijs die zegt met zoveel beschrijvingen of beeldspraak dat je het je kan voorstellen. Verder pik ik er ook regelmatig een woord uit dat hij dan moet proberen te verklaren. Niet altijd gemakkelijk. Niet omdat het zo moeilijke woorden zijn maar iets uitleggen wat het eigenlijk betekent is niet altijd zo gemakkelijk. En uit die woorden die ik heb aangehaald, kiest hij later eentje voor “Woord van de dag”. “Woord van de dag” houdt in dat hij het woord mooi schrijft in een boekje en er een (ludieke) tekening bij maakt. Tot slot verzint hij er ook nog een zin bij. Die zin gaan we dan beschrijvender proberen te maken via vragen als “Kan je ook zeggen hoe die kast er uit ziet?” of “Kan je ook zeggen hoe hij lacht?”.

Daarna is het tijd om een beetje te bewegen want we hebben in kleermakerszit in zijn zithoek op zijn kamer gezeten. We gaan onze dagelijkse 3 sportoefeningen doen: sit-ups, squads en plankje. En Thijssen noteert zijn vooruitgang op zijn blad. Meten is weten! Als onze vorige activiteiten niet te lang hebben geduurd dan doen we soms nog extra oefeningen met gewichten of een rekband.

Vandaag staat er na onze “Start van de Dag” het vak Nederlands op het programma. Voor dat vak zijn we aan de tweede graad bezig en omdat we tegen het einde van de week vakantie hebben, starten we vandaag al met “Week van de poëzie” (en niet woensdag zoals de officiële start). Dus op het programma staan allerlei oefeningen rond het gedicht “Het meisje” van Toon Tellegen. Geen punten op mijn rekening van creativiteit want de “Week van de poëzie” heeft lesbundels klaar met verschillende gedichten. Maar wat goed is, moet je niet zelf nog eens willen uitvinden. Plus Nederlands is niet echt mijn vakgebied, dus vertrouw ik wat meer op allerhande materiaal. We leren hierbij toch maar mooi wat klinkerrijm is en een alliteratie. Thijssen maakt nog een alliteratie op zijn eigen naam en dan is onze tijd op, maar ook Thijssen zijn energie. De rest werken we later in de week af in huiswerktijd. Als opdrachten heeft hij nog om de alliteratie mooi te versieren met leuke tekeningen en moet hij een Plint-poster maken rond het gedicht (een kunstwerk als achtergrond kiezen en daar het gedicht mooi op plaatsen).


Na een pauze voor Thijssen gaan wij verder met Engels en Frans en Dirkje pakt analyse en statistiek aan. Met de examens van wiskunde in het vooruitzicht zit zij op dit moment vlotjes aan een 16-tal uur wiskunde per week. Dus splitsen we het goed op in de deelgebieden van wiskunde zodat er toch nog zeker genoeg afwisseling is.

Ook het vak Engels doet mee aan de “Week van de poëzie” bij ons en Thijssen werkt hier volledig zelfstandig aan. Zijn opdrachten staan klaar in Google Classroom en dus kan hij alleen verder. Via de website van British Council leest en luistert hij naar het gedicht IMG_1030Mountain Fable” op niveau B1/B2. Voor het vak Engels zijn we ook bezig aan de tweede graad en het examen is ook al gepland ergens in mei. Hij moet ook oefenen om het gedicht goed voor te lezen ’s avonds. Tot slot maakt hij er ook een oefening via Bookwidgets op waar hij moet antwoorden met True of False. Een kwestie van te testen of hij het gedicht ook IMG_1040begrijpt. Later die avond draagt hij het gedicht dus voor na het eten en vertelt hij waarover het gaat. Dat loopt goed maar het voordragen loopt nog niet zoals ik wil: aandacht voor rustpauzes, aandacht trekken met je stem, … Dus dat oefenen we nog een paar keer de volgende dagen en dan doen we het opnieuw en dan kijken we of er vooruitgang zal zijn.

Frans houdt in dat we gezelschapsspelletjes spelen in het Frans. Thijssen kiest voor Cortex. Bij Cortex moet je verschillende opdrachten op tijd doen. Dat kan zijn: onthouden welke onderwerpen op het kaartje staan en opnoemen, zeggen wat er niet bij hoort in de groep,  zeggen waar het weggetje naar toe leidt, zeggen waar er de meeste van zijn in een groep, zeggen waar er twee van in de groep zijn, … Ons eerste idee was om alles in het Frans te doen maar we passen na een try-out onze regels aan. Het mag eerst in het Nederlands om het stuk “om ter snelst” niet kwijt te raken en dan moet het in het Frans. Dus met het online woordenboek van Van Dale op de iPad langs ons, spelen we het spel. Nadat iemand (Thijssen dus telkens) heeft gewonnen overlopen we alle gespeelde kaarten terug en zo herhalen we onze woordenschat nog eens. Ook een goede manier om hem snel te leren werken met het online woordenboek want dat zal op het examen ook moeten gebeuren. Eigenlijk had hij nog zijn dagelijkse Duolingo moeten doen, maar dat is in ons enthousiasme verdwenen uit onze gedachten. Niet erg, gewoon zijn streak verbroken. Er zijn ergere dingen.

En wat heb ik in tussen gedaan terwijl Thijssen zelfstandig Engels deed en tijdens de pauzes? Verder eten gemaakt, een tornooiplanning voor Dirkje voorbereid, en de agenda ingevuld met wat we hebben gedaan. Ik houd elke dag bij wat we precies doen voor elk vak. Dus zoals onze CNN10 kan ik onder een paar vakken kwijt. Daarom is het niet meteen leerstof voor zijn graad, maar het is zeker belangrijk. Ook bekijk ik elke keer zijn ontwikkelingsdoelen en noteer ik wat er aan bod gekomen is. En gewoon door zijn 10 doelen weer te zien, bedenk ik me waar ik dadelijk zeker nog extra aandacht aan ga geven. Dat kan zijn bv lezen van vragen, schematiseren, werken volgens een stappenplan, … Maar nu tijd voor iedereen om middag te eten. Thijssen houdt het bij beschuiten maar Dirkje en ik eten van de erwtenpasta met noten en kalkoen. Even ontspannen voor iedereen. De ene doet dat met YouTube, de ander met een wandeling of met Netflix of met de Australian Open nu.

Daarna gaat Dirkje terug aan de slag met statistiek om 13u. En Thijssen en ik pakken als eerste geschiedenis aan. Voor dit vak zijn we al rustig bezig met de derde graad. Valt het op dat de vakken die we al aflegden en we dus voor verdere graden onder de loep nemen dat deze op maandag vallen? Daar hebben we bewust voor gekozen. Voor deze vakken kunnen we wat meer tijd uitrekken en opfleuren met leukere dingen. Zo krijgen we toch een TGIM (Thank God It’s Monday) en doen we toch iets nuttig en kunnen de week dus goed en leuk starten. Voor geschiedenis keken we de laatste tijd verschillende filmpjes van Ted Ed, Cliphanger, … over Napoleon en het Congres van Wenen. Nu is het tijd om onze opgedane kennis in een tijdlijn te gieten. Wat Thijssen nog weet zet hij al op een tijdlijn uit en terwijl bespreken we die items. Bij elk groot item maakt hij een kleine tekening naar keuze. Die tekeningen helpen hem om het te onthouden maar ook om opeen ontspannen manier bezig te zijn. Als je het over de Franse revolutie hebt en Napoleon dan moet je je les geschiedenis ook wel onderdompelen in Franse termen. Dat kan toch niet anders! Dus we combineren weer wat. Soms moeten we een filmpje herbekijken en moet hij de belangrijkste punten er uit halen. Vind ik zelf al een heel belangrijk leerpunt. Als je dat goed kan, dan kan je aan de slag om zelfstandig nieuwe onderwerpen te bestuderen. En dus kan ik straks weer iets noteren bij mijn ontwikkelingsdoel “leren schematiseren en noteren”.

Na geschiedenis stond er eigenlijk nog Grieks gepland – wat geen vak voor de examens is. Maar door de drukte van het weekend en toch wel enige zenuwachtigheid voor het vertrek naar Oostenrijk op donderdag krijgen de zenuwen de overhand en besluiten we Grieks vandaag niet te doen. Ook dat kan in ons huisonderwijs!

Ondertussen is Dirkje haar aan het klaarmaken om gaan te trainen (tennis) en daarna zelf les gaan te geven. Dus tegen iets na twee vertrekken we richting Tessenderlo. Terwijl Dirkje traint, ga ik mijn conditie wat bijschaven op de looppiste. En Thijssen? Hij gaat zelfstandig aan de slag met programmeren via een MOOC. Hiervoor gebruiken we de MOOC van EdX. En na het programmeren leest hij nog wat in zijn boek over Griekse mythologie. En dan zit Thijssen zijn huisonderwijsdag er bijna op. Alleen ’s avonds nog zijn gedichten voordragen en uitleggen aan papa en Dirkje.

Voor Dirkje gaat haar dag nog wat door. Na het trainen en zelf training geven, gaat ze nog aan de slag met complexe getallen en dan tot slot nog even alles overlopen van die dag om zo alles goed vast te zetten in dat brein. Maar tegen 19u zit haar maandag er ook op en kan ze helemaal ontspannen zonder nog huiswerk.

Mijn dag zat er nog niet helemaal op nadat ik als begeleider ben meegereden naar de tennis in Tessenderlo en Zelem. Buiten de gewoonlijke huishoudelijke taken ga ik nog aan de slag voor techniek. Thijssen werkte al vanaf de start van ons huisonderwijs voor techniek en het praktijkexamen is ook al afgelegd. Maar nu nadert het theorie-examen en dus moeten we zeker aftoetsen aan de hand van de vakfiche of we alle onderwerpen hebben behandeld. Op zich misschien niet echt nodig als ons doel “slagen” voor het examen zou zijn. Hij moet immers nog maar 2% halen op zijn theorie-examen dankzij zijn schitterende cijfers op zijn praktijkexamen. Maar dat vind ik geen goede ingesteldheid. Je gaat een examen maken om het zo goed mogelijk te doen en dus moet je je goed voorbereiden. Dus moet ik nu nog de laatste blok rond biochemie nakijken in de vakfiche. Daarvoor ga ik kijken wat we er al specifiek rond gezien hebben en dat herhalen we. Wat we nog niet hebben gezien ga ik zoeken in andere methodes. Vaak ga ik hiervoor op Polpo van Die Keure kijken. En dan vul ik aan door er oefeningen of info af te halen. Maar zelfs dan zijn de vakfiches vaak nog niet gedekt en duikelen we het internet op. Op zoek naar filmpjes op Ted Ed, Schooltelevisie, CrashCourse, TeachEngineering, ScienceChannel, … Als het deeltje biochemie afgevinkt is in de vakfiche, gooi ik het nog in lesonderwerpen en zelfstandig opdrachten en plan ik het netjes in onze roosters voor de volgende 2 weken. En dan zit ook mijn huisonderwijsdag er op en moet ik er nu echt voor zorgen dat er eten op tafel komt tegen 20u!

Toch ook altijd een beetje zelf examen maken

Altijd spannend, kinderen die examens maken. Dat is ook zo als je kinderen naar school gaan. Maar ik kan je vertellen dat het toch nog net een tikkeltje aparter en (veel) stressstressvoller is bij de examencommissie. Thijssen is dus op dit moment binnen voor zijn examen Techniek Praktijk. En ik moet zeggen, het voelt alsof ik zelf weer examen moet gaan afleggen. Maar dan nog een graadje erger.

Het begint eigenlijk al dat je als huisonderwijzer-ouder instaat voor het hele traject, zowel de leerstof geven als helpen leren en oefenen maar ook als ouder je kind gerust stellen. Je maakt de planning samen zodat je tijdig klaar bent voor het ingeschreven examen en je oefent het examen samen. Een stuk doe je dat ook als je kind op school zit. Maar nu ken je zelf elk tikkeltje van de leerstof. Bij Dirkje uiteraard niet meer, want zij werkt volledig zelfstandig. Maar bij Thijssen ken ik toch zelf ook alle leerstof terug en kan ik eigenlijk zelf weer examen gaan afleggen. Je weet dus heel goed waar het goed zit en wat struikelblokken zijn.

En dan die onbekende factoren bij examens op de examencommissie. Het begint al met naar Brussel gaan: files of treinstakingen, hoe laat vertrekken we, niet te vroeg maar zeker niet te laat daar. En dan gaat hij examen afleggen in een onbekend lokaal bij onbekende leerkrachten op basis van algemene eindtermen. Dus hoe zullen ze het precies vragen en hoe diep moet hij het kennen, zijn 2 vragen die vaak heel moeilijk in te schatten zijn. Op school heb je een handboek en de leerkracht is daar toch op gericht. Waarschijnlijk op de examencommissie de leerkrachten die de examens opstellen ook, maar welk handboek is dat? Bij sommige vakken weet je het al, maar vermits de opstellers wisselen, wisselen dus ook de vraagstellingen.

En je weet dat hij het kan en dat hij de leerstof beheerst, want anders zou ik hem nooit laten gaan. Ik vind immers een belangrijk stuk dat hij moet leren zich zo goed mogelijk voor te bereiden. Maar zal het ook op dat moment lukken. Zoals nu. Hij heeft zijn model van zijn ligfiets helemaal zelf ontworpen en samen met Joeri gemaakt. Dus hij weet er alles van en kon het thuis tijdens onze oefensessies goed uitleggen en goed op de vragen antwoorden. Maar zullen de zenuwen hem parten spelen? Zullen de vragen duidelijk zijn? Wat zal hij krijgen als extra proef? Logische schakelingen, elektrisch circuit, motor bouwen,… Geef toe dat heb je nooit op school. Als je al praktische oefeningen voor techniek moet doen in de eerste graad, dan weet je exact om welke proeven het zal gaan en met welk materiaal. Dus weer een onbekende factor en dus nog een vraag. Zal het lukken met ander materiaal? En eigenlijk durf ik ja antwoorden, want hij heeft zoveel technisch inzicht. Maar toch, zenuwen….

Dus ja, eigenlijk maakt ons heel gezin en zelfs daarbuiten mee examen. Want ook zussen, grootouders, nichten, neven, vrienden,…. weten hoe vaag het kan zijn wat er precies gevraagd zal worden en leven dus mee. Gedeelde stress, is halve stress?

Maar ik weet ook wel dat ze eigenlijk op deze manier zoveel leren. Ze moeten wel met inzicht leren, want iets van buiten leren is nu uitgesloten. Je weet niet hoe je het zal moeten antwoorden of toepassen. En omgaan met zoveel onbekende factoren, zal later heel wat stappen gemakkelijker voor hen maken. Maar ondertussen is het toch best stressvol….

Een (ver)nieuw(d) schooljaar!

Tijdens de vakantieperiode heb ik mijn brein echt wel laten kraken over hoe ik het wil aanpakken dit schooljaar. Wat liep goed vorig schooljaar? Wat moet wijzigen? Wat moeten we wat bijstellen? Wat willen we bereiken?
Dat denkwerk verrichten is iets wat je altijd wel doet als je in het onderwijs staat. Maar vermits ik nu voor “alles” insta, moet ik ook wel zorgen dat “alles” aan bod komt wat ik wil. En met alles bedoel ik ook echt alles (samen met Joeri natuurlijk ook voor een stuk): alle vakken, alle algemene vaardigheden, op alle momenten – op school en thuis. Zo tegen het einde van de vakantie realiseerde ik me dat het toch echt een uitdaging is en dat ik dus goed moet weten waar ik mee bezig ben. Maar we houden van een uitdaging!

lifebegins

Wat willen we nu eigenlijk bereiken met ons huisonderwijs? Wil ik dat ze sneller afstuderen dan op school? Nee, helemaal niet. Moet het op hetzelfde moment zijn? Hoeft niet, maar ik wil niet dat ze jaren gaan achter lopen natuurlijk. Wat vind ik belangrijk dat op mijn kinderen hun “levens-CV” staat? Kennis vind ik sowieso belangrijk. Maar wat ben je met je kennis als je niet kan communiceren, niet kan volhouden, niet kan zoeken, niet durft zoeken, niet durft opnieuw beginnen, niet in stappen leert denken, je grenzen niet durft verleggen …? Niets! Dus heb ik me voor genomen dat ik echt aan een aantal van die dingen wil werken en dat ik het niet uit het oog mag verliezen tijdens het jaar. Want tijdens zo een schooljaar word je soms bang dat je niet alles gezien gaat krijgen en dat je meer examens moet laten maken op de examencommissie. Eigenlijk hetzelfde als dat een leerkracht bang is dat hij/zij het goalleerplan niet afkrijgt. Maar ik ga echt op lange termijn denken en niet per schooljaar . Wat ik hun ga leren, gaan ze veel langer nodig hebben dan enkel voor de examens. En om het niet uit het oog te verliezen en er elke dag terug bij stil te staan heb ik mezelf wat administratie opgelegd. Ik heb een 10-tal ontwikkelingsdoelen opgesteld waar ik aan wil werken. En elke dag noteer ik bij de doelen waar we iets aan hebben gedaan, wat we hebben bereikt of wat moeilijk ging. Op die manier blijft mijn focus hopelijk juist dit schooljaar. Maar het wil dus niet zeggen dat we niet gewoon ook Frans, wiskunde, geschiedenis, … leren. Natuurlijk doen we dat ook! Want wat ben je er mee als je kan communiceren, kan volhouden en kan zoeken, maar je weet niet waarover je moet communiceren of wat je moet zoeken. En ik weet dat dit ook op scholen aan bod komt. Daar ben ik van overtuigd. Maar ik ben er ook van overtuigd dat we dat met onze manier van huisonderwijs toch nog net op een ander niveau kunnen brengen. En maar goed dat ik dat denk, want als ik niet zou geloven in ons huisonderwijsproject zou het niet goed komen natuurlijk.

Wat veranderen we in dit (ver)nieuw(d) schooljaar voor Thijssen?
Ons tijdschema is weer eens anders opgebouwd en na een week staan we er allebei nog positief tegen over. Dus dat is al fijn meegenomen. Dat wil zeggen dat de balans werk-rust voor hem goed zit voorlopig. We starten nu elke dag met “media”. Het lijkt voor hem een rustiger begin, maar we doen daar eigenlijk zo veel in! Media is zo een beetje alles eigenlijk. Op maandag mag hij kiezen en hij koos nu al 2 keer voor “Mythbusters”. Op andere dagen moet hij iets kiezen uit Engels, Frans of Nederlands. En ook dit kan weer van alles zijn: een artikel lezen op national geographic, naar Niouzz kijken op RTBF (tegenhanger van Karrewiet), Ted Ed filmpje kijken, … Maar vanuit onze media werken we altijd verder. We halen er een aantal woorden of begrippen uit en die gaan we verklaren of vertalen. Of we maken een mindmap. Of we passen ons communicatiemodel toe op de media en kijken wat het doel is en welke verbale en non-verbale communicatie er is. Soms brengt zo een filmpje of artikel ons naar de wetenschap of techniek en bekijken we het atoommodel of de werking van een V6 motor of lenzen en hun brandpuntsafstand. Een andere keer voert het ons terug naar de tijd en kijken we wat Joegoslavië nu eigenlijk was. Natuurlijk hebben we ook al rond de orkanen gewerkt. Elke dag brengt zo iets nieuws en onverwachts, zowel voor hem als voor mij. En soms lukt het om de rest van de dag er op af te stemmen, want dan kunnen we het koppelen aan onze geschiedenis of schrijven we er een tekst over voor Nederlands of bekijken we de wetenschappelijke notatie in de wiskunde bijvoorbeeld. En op het einde van dag mag hij iets kiezen om nog iets verder uit te werken rond het onderwerp van de media-opdracht. Dat kan zijn extra info verzamelen en ’s avonds bij het eten vertellen wat hij heeft gevonden of dat kan iets tekenen zijn of …. Alleszins iets wat hij leuk vindt en waardoor hij geprikkeld wordt. We kregen zo al het hele verhaal van de Odyssee te horen. En voor mijn ontwikkelingsdoelen scoor ik ook meteen goed. Want hij leert nieuwsgierig zijn, hij leert dieper graven, hij leert de relatie tussen verschillende items ontdekken, hij leert zelfstandig werken. Hij leert dat we niet in vakjes moeten denken!

Een ander nieuw item wat we invoerden dit schooljaar is het afwerken van taken of voorbereiden van lessen voor de volgende dag. Heel logisch want huiswerk hoort er ook op school bij. Alleen moet Thijssen zelf op een blad noteren wat hij gaat afwerken of voorbereiden en krijgt hij stilaan meer zelfstandigheid in het bepalen wat hij gaat doen. Toch net iets anders dan een voor hem ingevulde Smartschoolagenda of opgelegde taken die voor hem misschien niet nuttig zijn. Hij leert hiermee noteren, plannen en bepalen wat voor hem belangrijk is  en dat zijn voor hem belangrijke werkpunten.
En om op die schoolagenda terug te komen. Onze dagagenda is vooraf opgesteld en weagenda overlopen die elke ochtend. Dat maakt de dag voor hem voorspelbaar. En afwijken van de agenda kan als dat moet. Misschien denk je nu dadelijk: “Dat kan later ook wel niet, zo maar alles aanpassen.” Dat vind ik nu net niet. Volgens mij is het belangrijk om te leren wanneer iets niet meer lukt en dat je dan beter kan overschakelen naar iets anders, voor even of voor de rest van de dag. Voelen wanneer iets niet meer lukt en dan beter iets anders nuttig doen, vind ik zelf een heel belangrijk ontwikkelingsdoel.

En nog een laatste iets wat we invoerden dit jaar. Ze kiezen allebei per 4 maanden een lange-termijn-doel om te realiseren. Hiervoor leren ze in stappen werken en zoeken hoe ze dit moeten aanpakken. Sowieso niet makkelijk voor de ADHD’ers in huis: in stappen langzaam naar iets toe werken. Zelfs het doel kiezen is niet gemakkelijk want er is zo veel te doen. Dirkje gaat haar reis naar Nepal voorbereiden en Thijssen gaat op zijn handen leren lopen. Of het lukt? Dat zullen we zien, maar ze hebben alleszins al hun start genomen. Dus weer “check” op mijn lijstje van ontwikkelingsdoelen.
Elke week kiezen ze ook nog een kort-termijn-doel. Gewoon iets kleins wat ze gaan realiseren die week maar wat niet meteen met hun leerstof heeft te maken. Zo werden er al boekjes gemaakt met begroetingen in 15 talen, gamescènes opgenomen, truien bedrukt, …

En Dirkje? Ik denk dat zij al een heel belangrijk les heeft geleerd bij de start van het nieuwe schooljaar, of eigenlijk een stukje voor 1 september. Toen moest zij gaan plannen en inschrijven voor examens. Wat is haalbaar om tegen wanneer te leren? Hoe verzamel ik de leerstof die ik moet zien? En hoe en waar ga ik me verder in verdiepen? Wat ontbreekt nog volgens de lijst die ik moet kennen?
Daarna de dagplanning maken en blijven doorzetten ook als iets even niet lukt. Dus haar ontwikkelingsdoelen staan op scherp qua doorzetten, zelfstandigheid, nieuwsgierigheid, afbakenen, ….

En ik noteer elke avond braaf hoe ze in die verschillende doelen gegroeid zijn of hoe ze hun grens hebben gevonden die dag. Dus ik zal het dit jaar niet uit het oog verliezen, want die ontwikkelingsdoelen overal in integreren is toch één van de hoofdredenen waarom we kozen voor huisonderwijs!